De NVAO maakt gebruik van cookies, onder andere om de website te analyseren en het gebruiksgemak te vergroten. Door op 'Cookies toestaan' te klikken, geeft u toestemming voor het gebruik van cookies.

Cookies niet toestaan Cookies toestaan

Nederlands

Q&A Panelsamenstellingen

Nederlands

Waarom wordt een panelsamenstelling voorgelegd aan de NVAO?

In een panel dienen verschillende deskundigheden vertegenwoordigd te zijn en alle panelleden dienen onafhankelijk te zijn. De NVAO heeft de wettelijke taak om dit te borgen. Het is daarom dat een beoogde panelsamenstelling voorafgaand aan het locatiebezoek aan de NVAO ter instemming wordt voorgelegd.

Wanneer is een panellid onafhankelijk?

Panelleden zijn onafhankelijk van de opleiding wanneer zij ten minste vijf jaar geen directe of indirecte banden, die kunnen leiden tot een belangenconflict, hebben gehad met de bij de opleiding betrokken instelling(en). Panelleden tekenen voorafgaand aan de beoordeling een onafhankelijkheidsverklaring.

Wat is een visitatiegroep?

Sinds juni 2014 worden de Nederlandse hogeronderwijsopleidingen gevisiteerd in visitatiegroepen (Wet versterking kwaliteitswaarborgen hoger onderwijs). Visitatiegroepen bestaan uit opleidingen met een vergelijkbare onderwijsinhoud (cluster). Door het clustergewijs beoordelen kan het panel de opleidingen op een vergelijkende wijze beoordelen en wordt de consistentie van de oordelen bevorderd.

Moet hetzelfde panel worden ingezet bij alle opleidingen uit de visitatiegroep?

Eén panel beoordeelt alle hogeronderwijsopleidingen binnen een visitatiegroep, eventueel via deelpanels. Dat is het uitgangspunt, zoals voorgeschreven in de Wet versterking kwaliteitswaarborgen hoger onderwijs.

Voor het beoordelen van de verschillende opleidingen die deel uitmaken van dezelfde visitatiegroep kan het panel wisselen van samenstelling, bijvoorbeeld omdat specifieke deskundigheid nodig is, de onafhankelijkheid in het geding is, of omdat het wenselijk is de bezoeken te spreiden over meer panelleden. Dergelijke situaties kunnen ook gelden voor de voorzitter. In ieder geval moet er sprake zijn van voldoende continuïteit en personele overlap tussen de verschillende samenstellingen van het panel, ten behoeve van een vergelijkende wijze van beoordelen en consistentie in de oordelen.

Wanneer de hogeronderwijsinstellingen binnen een visitatiegroep er niet in slagen gezamenlijk een panel van deskundigen samen te stellen, ontwikkelt het accreditatieorgaan hiervoor een bindende voordracht (WHW, artikel 5a.2).

Mogelijke panelsamenstellingen
Het geheel overziend ontstaat daarmee het volgende palet aan panelsamenstellingen, in volgorde van afnemende intensiteit:
a. 1 panel met dezelfde samenstelling voor alle opleidingen;
b. 1 kernpanel met aanvullende deelpanels, met wisselende samenstelling per opleiding;
c. meer deelpanels voor de visitatiegroep als geheel met ‘dakpansgewijze’ overlap.

Bij optie ‘c’ dient in de aanvraag te worden onderbouwd waarom meer overlap niet mogelijk of niet gewenst is. Daarbij wordt aangegeven op welke wijze afstemming tussen de deelpanels zal plaatsvinden, en naderhand via een paragraaf in het visitatierapport op welke wijze de afstemming is uitgevoerd.

In alle gevallen vraagt de NVAO van het visitatiepanel om op navolgbare wijze te beargumenteren hoe de beoordeling tot stand is gekomen, en op welke wijze deze in vergelijkende zin past in het geheel van beoordelingen binnen de visitatiegroep.

Wat is een deelpanel?

In het verantwoordingsformulier wordt een onderscheid gemaakt tussen een kernpanel, vaste leden in het panel voor alle opleidingen uit het cluster aangevuld met deskundigen specifiek voor de opleiding, en een deelpanel. Bij een deelpanel is er sprake van overlap in panelleden tussen 1 of meerdere opleidingen, maar ziet geen enkel panellid alle opleidingen.

Onderstaand een visualisering. Instelling B, C en de andere instellingen uit het cluster kiezen voor een kernpanel, aangevuld met specieke deskundigen. Voor instelling A is optie 1 een deelpanel en optie 2 een kernpanel. Varianten hierop zijn ook mogelijk.

Panellid

  Optie 1
Instelling A
Optie 2
Instelling A
Instelling B Instelling C Overige instellingen
cluster
Voor-
zitter A
x x x x x
Lid B   x x x x
Lid C   x x x x
Student"-
lid D
  x x x x
Lid E   x x x  
Lid F   x   x  
Student-
lid G
  x      

Lid E en F en studentlid G zijn in dit scenario de specialisten op het gebied van de opleiding.

 

 

 

Welke leden kent het panel en welke deskundigheden zijn aanwezig ?

Er wordt uitgegaan van peer review en daar worden de panelleden op gevraagd. Het panel bestaat uit ten minste vier leden. Het panel bestaat uit een (technisch of inhoudelijk deskundig) voorzitter, leden die een gezaghebbende peer zijn op één of meerdere van de vereiste deskundigheden en een (op het gebied van kwaliteitszorg) actieve student uit het hoger onderwijs. Het panel als geheel moet alle benodigde deskundigheden vertegenwoordigen.

De peers voor opleidingsbeoordelingen zijn onafhankelijk, gezaghebbend in hun vakgebied en beschikken gezamenlijk over onderstaande deskundigheden (Beoordelingskader accreditatiestelsel hoger onderwijs Nederland 2016, hfdstk. 2.7):

  • actuele kennis van het desbetreffende vakgebied;
  • (recente) ervaring met het verzorgen van onderwijs en toetsing in hetzelfde type onderwijs (hbo/wo master/bachelor/associate degree);
  • is in staat om de opleiding te vergelijken in internationaal perspectief;
  • ervaring in het (internationale) werkveld van het vakgebied;
  • ervaring met peer review in het hoger onderwijs;
  • indien van toepassing: heeft kennis van een specifiek didactische concept;
  • indien van toepassing: deskundigheid op het vlak van het aangevraagde bijzondere kenmerk.

Een (op het gebied van kwaliteitszorg) actieve student uit het hoger onderwijs dient deel uit te maken van het panel.

In het verantwoordingsformulier kan worden aangegeven op welke wijze de verschillende deskundigheden zijn gerealiseerd. Uit de bijgevoegde recente cv’s blijkt door welke ervaring en/of werkzaamheden de deskundigheid van het panellid is gevormd en wanneer de relevante ervaring is opgedaan en/of werkzaamheden plaatsvonden. Het is mogelijk dat één panellid beschikt over diverse deskundigheden (zie voor een toelichting op de verschillende deskundigheden tevens de bijlage bij het verantwoordingsformulier).

Zijn er, buiten de deskundigheden, nog andere eisen die aan de panelleden worden gesteld?

De NVAO verwacht dat de panelleden zich zullen houden aan de NVAO Gedragscode

Wat is de rol van de secretaris?

Het panel wordt bijgestaan door een door de NVAO getrainde secretaris, die zich opstelt zoals wordt toegelicht in de publicatie taken en competenties secretarissen. De secretaris maakt geen deel uit van het panel, doet niet mee aan de inhoudelijke discussie en besluitvorming en eventuele deskundigenheden worden hem/haar dan ook niet toegekend. De secretaris is aanwezig bij het locatiebezoek en stelt het beoordelingsrapport op (visitatierapport). Dit rapport bevat de bevindingen, overwegingen en conclusies van het visitatiepanel. De instelling stuurt het visitatierapport naar de NVAO bij de aanvraag voor heraccreditatie van de desbetreffende opleiding.

Wat is de rol van de NVAO en hoe behandelt de NVAO de aanvragen?

De NVAO controleert of het panel onafhankelijk is, alle deskundigheden vertegenwoordigt, en als geheel in staat is om de opleiding(en) te beoordelen op basis van peer review.

De NVAO beoordeelt een aanvraag met een voorstel voor de samenstelling van het panel in principe binnen één (1) maand.

Hoeveel kost de beoordeling van een panelsamenstelling?

Er zijn geen kosten verbonden aan het beoordelen van een voorstel voor een panelsamenstelling. 

Wat moet ik de NVAO aanleveren?

Per visitatiegroep wordt één aanvraag ingediend voor het beoordelen van een voorstel voor een panelsamenstelling.

Bij de aanvraag dient de betrokken instelling(en) in:

  • een door het bevoegd gezag van de instelling ondertekende aanvraagbrief met het verzoek aan de NVAO om in te stemmen met de beoogde panelsamenstelling voor het beoordelen van genoemde opleiding(en) (de NVAO kan alleen haar definitieve besluit versturen wanneer zij deze aanvraagbrief heeft ontvangen);
  • een ingevuld verantwoordingsformulier + een ondertekend onafhankelijkheidsformulier per panellid + een recent cv per panellid.

De NVAO kan om nadere informatie vragen en zo nodig verzoeken aanpassingen te doen aan de panelsamenstelling.

Waar moet ik de aanvraag indienen?

Vanaf 1 mei 2017 worden alleen complete aanvragen in behandeling genomen.

Per visitatiegroep kunt u één aanvraag indienen (wanneer de panelsamenstelling voor alle opleidingen in de visitatiegroep vastligt). Bij de aanvraag voegt u (als penvoerende instelling) het ingevulde verantwoordingsformulier, de onafhankelijkheidsformulieren en de recente cv’s van de betrokken panelleden toe. De NVAO kan om nadere informatie vragen en zo nodig verzoeken om aanpassingen te doen in de panelsamenstelling.

U kunt uw aanvraag indienen via webaanvraag@nvao.net (max. 30 Mb).

Informatie

Wanneer uw aanvraag aan een NVAO-beleidsmedewerker is toebedeeld, neemt deze contact met u op en ontvangt u een bevestiging.

Voor vragen kunt u contact opnemen met Maya de Waal, beleidsmedewerker en coördinator panelsamenstellingen (link e-mail, T +31 70 312 2358). 

Stelsel
Nederlands

2de graads Meetup

Nederlands

Op 28 maart 2017 organiseerden de NVAO en de Vereniging Hogescholen samen met 10 Voor de Leraar, de VO- en de MBO-Raad in het Muntgebouw in Utrecht een samenkomst over de tweedegraads lerarenopleiding en de uitkomsten van de analyse van de NVAO over deze opleidingen. Bij deze 2de graads Meetup waren ruim 70 vertegenwoordigers van hogeronderwijsinstellingen en -opleidingen en andere geïnteresseerden uit de onderwijssector aanwezig.

Lees ook: Van taalachterstand naar taalenthousiasme (ScienceGuide)

Na de ontvangst door Paul Zevenbergen, NVAO-bestuurslid, vond een panelgesprek plaats over de toekomst van deze lerarenopleidingen met Nienke Meijer (voorzitter CvB Fontys Hogescholen, portefeuillehouder lerarenopleidingen); Hans Huizer (algemeen directeur Johan de Witt Scholengroep Den Haag); Sarien Shkolnik-Oostwouder (lid CvB Graafschap College Doetinchem, voorzitter regiegroep Gelderse professionaliseringsagenda) en Miranda Timmermans (voorzitter VELON, lector Avans Hogeschool).

Daarna spraken de aanwezigen in vier breakouts over:

De kenniscomponent van de lerarenopleidingen
M.m.v. Henk Fuchs en Arian van Staa (10voordeLeraar). Studenten die starten met een lerarenopleiding hebben een grote diversiteit aan voorkennis, temeer omdat er praktisch geen vooropleidingseisen gesteld worden. Daarnaast komen er de laatste jaren steeds meer alternatieve trajecten tot stand als gevolg van de grote tekorten in enkele vakgebieden. Deze trajecten kennen een maatschappelijke druk om iedereen toe te laten. Ook de ontwikkelingen ten aanzien van vaardigheden in de 21ste eeuw hebben invloed op vakkennis. Het bepalen van een norm aan het niveau van vakkennis dat bij afstuderen vereist mag worden, is daarom logisch maar wel een hele lastige opgave. In deze sessie bespraken de deelnemers dit vraagstuk van eisen aan vakkennis in de veranderende en heterogene omgevingswereld van lerarenopleidingen.

Opleiden in de school voor het vo
Van Opleiden in de School naar Samen Opleiden: Hoe kom je (met gelijkblijvend budget) tot een uitbreiding van Opleiden in de School, wat heb je nodig om iedereen op te leiden in de school? Verkenning van toekomstperspectieven.
Ans Buys (aanjager lerarenagenda) gaf haar visie op de link tussen opleiden in de school, voortgezette professionalisering, begeleiding starters en aanpak lerarentekort. Bob Koster (voorzitter beoordelingspanels; lector Fontys Hogescholen) vertelde wat hem is opgevallen aan de opleidingsscholen die zijn beoordeeld. Naar aanleiding van deze introducties gingen de deelnemers met elkaar het gesprek aan en werd onderzocht hoe de lerarenopleidingen en het vo-veld gezamenlijk verder willen met opleiden in de school.

Opleiden in de school voor het mbo
Van Opleiden in de School naar Samen Opleiden: Hoe kom je (met gelijkblijvend budget) tot een uitbreiding van Opleiden in de School, wat heb je nodig om iedereen op te leiden in de school? Verkenning van toekomstperspectieven.
Introductie door Marijn Gunnink (ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) over de voornemens met Opleiden in de School. Esther Leeftink (opleidingschool mbo Landstede en mbo opleidingsschool Rotterdam-Drechtsteden); Marja Poulussen (mbo opleidingsschool Rotterdam-Drechtsteden) en Jan Karstens (vz beoordelingscommissie mbo-OS) verzorgden een workshop over opleiden in het mbo waarbij zij vertelden over hun ervaringen.

Opleiden voor het beroepsonderwijs
Ton Bruining (directeur beroepsonderwijs KPC-groep en lector Leiderschap in het onderwijs Avans+) nam de aanwezigen mee in een gesprek over de begeleiding van beginnende leraren, professionalisering van docenten en lerarenopleiders en de  flexibilisering van de lerarenopleidingen.

Stelsel
Nederlands

Bestuurlijke bijeenkomst ITK

24 mrt 2017
14:30 tot 16:30

De NVAO organiseert in 2017 op uitnodiging enkele bestuurlijke bijeenkomsten over de instellingstoets kwaliteitszorg (ITK).

NVAO Congres 2017

Nederlands
NVAO Congres 2017 'Kwaliteit in de praktijk - Katalysator voor kwaliteitscultuur' Rotterdam (door World of Won)

Op 23 februari 2017 organiseerde de NVAO onder het thema 'Kwaliteit in de praktijk - Katalysator voor kwaliteitscultuur' haar tweejaarlijks congres in het WTC Congrescenter in Rotterdam. 

Na het welkomstwoord door dagvoorzitter en NVAO-vicevoorzitter Ann Verreth ging NVAO-voorzitter Anne Flierman in op de actiepunten die de NVAO onder de noemer 'NVAO. Vertrouwen in kwaliteit' heeft vastgelegd in haar nieuwe strategische visie voor de jaren 2017-2020 (presentatie: zie downloads).

De keynote werd verzorgd door prof. Jeroen Huisman (Centre for Higher Education Governance Ghent - CHEGG). Hij belichtte de factoren die van invloed zijn op de kwaliteitscultuur in het hoger onderwijs: hoe ziet zo’n cultuur eruit? En wat betekent dit voor leiding en medewerkers?  Professor Huisman ging daarbij in op het onderzoek How Can One Create a Culture for Quality Enhancement? uit 2016 van het Center for Higher Education Policy Studies, University of Twente (CHEPS) en het Centre for Higher Education Governance Ghent (CHEGG) voor de Noorse accreditatieorganisatie NOKUT (presentatie: zie downloads).

's Ochtends werden drie breakouts verzorgd:

  1. Docentkwaliteit: Annelies Bon (Inspectie van het Onderwijs) en Lieve Desplenter (NVAO) gingen in op hun onderzoek naar de aspecten die van belang zijn om docenten te ondersteunen bij het verder ontwikkelen van hun kwaliteit (presentatie: zie downloads);
  2. Leeruitkomsten: Janine van Drieënhuizen-Kok (directeur Deeltijd Onderwijs & CHE Academy, Christelijke Hogeschool Ede) en Fokke Aukema (programmamanager Deeltijdstudies, Hogeschool van Arnhem en Nijmegen) tonen op welke wijze de experimenten leeruitkomsten kansen bieden om de kwaliteitscultuur te versterken. Moderator: Henri Ponds (NVAO) (presentaties: zie downloads);
  3. ESG - student-centered: Robert Coelen (Stenden Hogeschool): 'Wat maakt het gebruik van learning outcomes student-centered?’ (European Standards and Guidelines ESG 1.3 - student-centered learning, teaching and assessment) en Bas Wegewijs (EP-Nuffic) spreekt over ESG 1.4 - student admission, progression, recognition and certification. Moderators: Mark Frederiks, Thomas de Bruijn (NVAO)(presentaties: zie downloads).

's Middags tijdens de markt werden de in- en uitloopactiviteiten goedbezocht: over de 'toolbox accreditatie' (Steven David, Lisette Meijer, Frank Wamelink, Lisette Winsemius - NVAO); 'waarderend vragen' (Axel Aerden, Pieter Caris, Dagmar Provijn, Pieter Soete - NVAO); 'panelsamenstellingen' (Maya de Waal - NVAO, presentatie: zie downloads) en 'minder lasten door internationale samenwerking' (Anne Martens - NVAO, presentatie: zie downloads). In de centrale hal verzorgden Leo Kock en William Strobbe van De Baak 'geestelijke verfrissingen' in de vorm van fresh bites over 'De 4 pijlers van vertrouwen' en 'Versterk je professionele identiteit en werk-leven paden'.

De dag werd afgesloten met de Forumdiscussie HO2020 over de politieke plannen voor (de kwaliteit van) het hoger onderwijs in de periode 2017 - 2020, met Jan Anthonie Bruijn (VVD); Roel Kuiper (CU); Frits Lintmeijer (GroenLinks); Paul van Meenen (D66) en Marinka Mulder (PvdA) onder leiding van PG Kroeger (oud-hoofdredacteur ScienceGuide).

Foto's

Klik hier voor de foto's

Presentaties

Stelsel
Nederlands
Trefwoorden
congres

Transparante zorg voor de kwaliteit van het hoger onderwijs blijft de NVAO als haar belangrijkste maatschappelijke opdracht zien. Onder de noemer ‘NVAO. Vert...

Training secretarissen in april

In april 2017 organiseert de NVAO in Nederland opnieuw een training voor secretarissen.

Positieve kwaliteitsontwikkeling Nederlandse hoger onderwijs

In 2016 ontwikkelde de kwaliteit van de opleidingen in het hoger onderwijs in Nederland zich positief, zo blijkt uit het NVAO Jaarbericht Nederland 2016.

NVAO Jaarbericht 2016 Nederland tabellen, 31 januari 2017  NVAO Jaarbericht 2016 Vlaanderen tabellen, 31 januari 2017

ENQA Review 2017

29 mrt 2017 09:00 tot 31 mrt 2017 16:00

Van 29 - 31 maart 2017 bezocht een internationaal panel van de European Association for Quality Assurance in Higher Education (ENQA), het Europees netwerk van kwaliteitszorgorganisaties in het hoge

NVAO-ECA Winter Seminar 2016

Nederlands

On 15 and 16 December 2016 the NVAO-ECA Winter Seminar 2016: "Quality Assurance of Cross-Border Higher Education" was held.

On 15 December the seminar took place in the Kurhaus in The Hague. The day started with a smaller seminar for the recipients of the ECA Certificate for Quality in Internationalisation (CeQuInt) and representatives of the European Consortium for Accreditation in higher education (ECA). Dr Laura Rumbley from Boston College, Center for International Higher Education gave an overview of recent developments related to the quality of internationalisation. Hendrik Jan Hobbes from EP-Nuffic presented the plan for  linking the MINT tool to the CeQuInt framework. Finally, a discussion in small groups was held to elaborate on experiences, challenges and knowledge exchange with regard to CeQuInt. The presentations can be viewed here.

In the afternoon the NVAO-ECA seminar on Quality Assurance of Cross-Border Higher Education took place with nearly 100 registered participants. Ann Verreth, Vice-Chair of NVAO, chaired the event. The keynote on new developments in cross-border higher education was delivered by Carolyn Campbell from the Observatory on Borderless Higher Education. Three higher education institutions presented their perspectives on the QA of their international branch campuses: Ghent University (Kristiaan Versluys), ESSEC (Christian Koenig), and Stenden University of Applied Sciences (Dymphi van der Hoeven and Maureen van der Meché). 

The first results of a survey on QA of CBHE among ECA member agencies were presented by Solange Pisarz (HCERES) and Maciej Markowski (PKA). Fabrizio Trifiro from QAA explained the different approaches to quality assurance of TNE taken around the world.

Axel Aerden (NVAO) moderated a panel discussion among stakeholders (Kristiaan Versluys, Blazhe Todorovski/ESU, Colin Tück/EQAR, Melissa Keizer/Dutch Ministry of Education, Jenneke Lokhoff/EP-Nuffic). The afternoon ended with conclusions by Ann Verreth and Jürgen Petersen (ZEvA), the Chair of ECA.

Photos, video and presentations

On 16 December, and partially on 14 December, there were meetings of ECA members, the Board, working groups and the Certification Group. These meetings took place at the NVAO offices in The Hague.

Pagina's

Abonneren op RSS - Nederlands