Actueel
NieuwsNieuw accreditatiestelselAgendaNVAO CongressenToespraken & ArtikelenCorrespondentieVraag en antwoordNederlandVlaanderenNieuwsbriefRSS FeedsVeelgestelde vragen
Wat betekent het als een opleiding niet is geaccrediteerd?
Verlies van accreditatie heeft in Nederland gevolgen voor de bekostiging van de opleiding en voor de erkenning van diploma's (aan opleidingen die niet zijn opgenomen in het Centraal Register Opleidingen Hoger Onderwijs (CROHO) van de IB-groep zijn géén graden of titulatuur verbonden op basis van de Nederlandse wet). De precieze gevolgen staan vermeld in artikel 5a.12 van de Wet op het hoger onderwijs en weten-schappelijk onderzoek (WHW).
Een opleiding kan op twee manieren haar accreditatie verliezen:
1. de termijn voor accreditatie van rechtswege loopt af;
2. de NVAO beslist negatief en verleent geen accreditatie.
Ad 1. Aflopen accreditatie van rechtswege
Wanneer de accreditatietermijn van rechtswege afloopt, zoals staat vermeld in het CROHO en de instelling heeft de opleiding niet ter accreditatie aan de NVAO aangeboden, vervalt de accreditatie op de in het CROHO vermelde einddatum. De opleiding wordt dan beëindigd, verliest indien van toepassing de bekostiging en wordt uit het CROHO verwijderd. Dit betekent dat voor de desbetreffende opleiding geen graad meer wordt verleend en geen nieuwe studenten kunnen worden ingeschreven. De instelling moet voor zittende studenten een regeling treffen (artikel 5a.12 WHW).
Ad 2. Negatief besluit accreditatie
In Nederland kan een instelling tegen het definitieve besluit van de NVAO binnen zes weken bezwaar aantekenen door een bezwaarschrift in te dienen bij de NVAO, conform de Algemene wet bestuursrecht en de Regeling bezwaarschriftenprocedure Awb NVAO. Hangende de bezwaar- en/of beroepsperiode loopt de oude accreditatie gewoon door (artikel 5a.9, zevende lid WHW).
Voor Vlaanderen gelden andere regelingen om bezwaar en/of beroep aan te tekenen.
Herstelperiode
Na een definitief negatief besluit van de NVAO (na afloop van de bezwaar- en/of beroepsperiode) kan de instelling binnen twee weken besluiten om binnen twee jaar opnieuw accreditatie aan te vragen. Dit is de zogenoemde "herstelperiode". Tijdens de herstelperiode kunnen geen nieuwe studenten worden ingeschreven. Voor zittende studenten verandert in deze periode niets (artikel 5a.12a WHW).
Wordt de opleiding binnen de herstelperiode niet geaccrediteerd, dan vervalt de accreditatie definitief op de dag dat de hersteltermijn van twee jaar afloopt. De instelling kan vanaf dat moment niet langer aanspraak maken op bekostiging van de opleiding. De registratie van de opleiding in het CROHO wordt beëindigd en aan de examens wordt geen graad meer verleend (artikel 7.10a WHW). De instelling moet er voor zorgen dat studenten de gelegenheid wordt geboden om de opleiding aan een andere instelling te voltooien.
De minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap kan op grond van doelmatigheidscriteria besluiten om een opleiding nog enige tijd in stand te houden (artikel 5a.12, zesde lid WHW).
