Tussentijds rapport verbeterpotentie vier opleidingen Inholland
Staatssecretaris Zijlstra van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap heeft het tussentijdse rapport van bevindingen van de NVAO over de verbeterpotentie van vier opleidingen bij Hogeschool Inholland op 24 augustus 2011 naar de Tweede Kamer gestuurd. Het gaat om de opleidingen Bedrijfseconomie (BE), Commerciële Economie (CE), Media en Entertainment Management (MEM) en Vrijetijdsmanagement (VTM).
De staatssecretaris heeft de NVAO gevraagd om hem ten aanzien van deze vier
opleidingen te adviseren over de intrekking van de accreditatie. De NVAO is tevens gevraagd
tussentijds de verbeterpotentie van de opleidingen te beoordelen, zodat hierover vóór de start van het nieuwe studiejaar helderheid is. Met haar brief van 13 juli 2011 en het rapport van bevindingen beantwoordt NVAO deze laatste vraag. De beoordeling is uitgevoerd door de commissie Dunnewijk, die ook het eerste onderzoek in opdracht van de NVAO naar deze opleidingen uitvoerde.
De commissie komt tot een positieve conclusie voor alle vier de opleidingen. De NVAO onderschrijft deze conclusies. De opleidingen hebben al belangrijke verbeteringen gerealiseerd en die spitsen zich toe op de kwaliteit van de afstudeerfase en de naleving van de wet. Daarmee hebben de opleidingen tot nu toe een goede verbeterpotentie laten zien. Voortzetting van het huidige verbeterproces is echter nodig. Bij de volledige accreditatiebeoordeling van de opleidingen zal blijken of de kwaliteit in zijn geheel voldoende is in de opleidingen.
Het advies van de NVAO aan de staatssecretaris over de intrekking van de accreditatie van de vier betrokken opleidingen wordt gebaseerd op een onderzoek naar de kwaliteit van de gehele opleiding, te weten de beoordeling van alle facetten van het accreditatiekader. De staatssecretaris besluit in het voorjaar 2012 of hij de accreditatie al dan niet intrekt.






