Actueel
NieuwsNieuw accreditatiestelselAgendaNVAO CongressenToespraken & ArtikelenCorrespondentieVraag en antwoordNieuwsbriefRSS FeedsBrieven
Verslag Evaluatiebijeenkomst beoordeling Associate-degreeprogramma’s
Op woensdag 21 maart 2007 hebben vertegenwoordigers van instellingen, panels, werkgeversorganisaties en Nederlandse en Vlaamse overheden bij de NVAO in Den Haag een evaluatiebijeenkomst gehouden over de beoordeling van Nederlandse Associate-degreeprogramma’s (Ad’s) tijdens de pilotrondes 1 en 2 in 2005 en 2006.
De staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap heeft in augustus 2005 de NVAO gevraagd om de kwaliteit te beoordelen van de aanvragen in het kader van de pilots met Ad-programma's. In het totaal hebben hogescholen tijdens beide pilotrondes bij de NVAO 161 aanvragen ingediend. Hiervan waren 29 aanvragen niet ontvankelijk, hebben 59 aanvragen een positief advies ontvangen en 73 een negatief advies. De staatssecretaris van OCW heeft in maart 2006 aangegeven dat 11 Ad’s kunnen beginnen, in oktober 2006 11 Ad’s en in januari 2007 33 Ad-pilots. Het totaal aantal pilots voor tweejarige Associate-degreeprogramma's bedraagt nu 57.
Bij de bijeenkomst waren vertegenwoordigers aanwezig van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW), de projectdirecties Leren & Werken van de ministeries van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) en OCW en het Departement Onderwijs Vlaanderen, Paepon, Hogeschool INHOLLAND, Hogeschool Rotterdam, Hanzehogeschool Groningen, Business School Notenboom, MKB-Nederland, Metaalunie, Uneto-VNI, panelvoorzitters, domeindeskundigen en de NVAO.
Aan het begin van de bijeenkomst geeft NVAO-voorzitter Karl Dittrich aan dat het doel van de vergadering is om vast te stellen hoe het is gegaan bij de beoordeling van aanvragen Ad’s tijdens beide pilotrondes en hiervan te leren voor het beoordelen van toekomstige aanvragen voor dergelijke programma’s. Een speciaal welkom is er voor de Vlaamse delegatie van het Departement Onderwijs. In Vlaanderen is een ontwikkeling gaande die enigermate vergelijkbaar is met de Associate-degreeprogramma’s in Nederland onder de naam hoger beroepsonderwijs.
Ervaringen
De aanwezige vertegenwoordigers krijgen de gelegenheid om in te gaan op hun ervaringen.
Hanzehogeschool Groningen
De Hanzehogeschool heeft aanvragen ingediend in ronde 1 en 2B. In ronde 1 is één aanvraag goedgekeurd, in ronde 2B drie aanvragen. Het protocol was uitstekend bruikbaar en voldeed daarmee aan de verwachtingen door alleen verantwoording te vragen voor de onderwerpen doelstellingen en programma en voor de overige onderwerpen te verwijzen naar de beoordeelde bachelor. Het gaat hier om een nieuw diploma en dan is het terecht om een accent te leggen bij het aantonen van de arbeidsmarktrelevantie. De samenwerking met het mbo had in het protocol sterker aangezet kunnen worden, omdat de afstemming in de beroepskolom van groot belang is. De beoordeling is goed verlopen, alleen de terugkoppeling door middel van het advies had uitgebreider gekund. De hogeschool steekt veel tijd in de voorbereiding van het informatiedossier en dan is een uitgebreidere onderbouwing van het advies op zijn plaats. Het is jammer dat goede opleidingen van de Hanzehogeschool als Vastgoed & Makelaardij en Small Business & Retail Management geen kans hebben gekregen, omdat ze niet eigenstandig waren gevisiteerd in het verleden.
Een kernvraag voor het toekomstige beleid is of de Ad als eigenstandig nieuw onderwijsaanbod moet worden beschouwd of als een maatwerkvariant van een bestaande bachelor. Nu lag de focus zwaar op het eerste. Zolang het fenomeen Ad-programma niet is ingeburgerd is het ook te verdedigen om de Ad als ‘nieuwe opleiding’ te beschouwen en aan een relatief zware toets te onderwerpen. De vraag is of dat in de toekomst nog nodig is. Denkbaar is dat de beoordeling – ook in het geval van nieuwe Ad-programma’s - dan onderdeel wordt van de beoordeling van de hbo-bachelor.
De Hanzehogeschool wijst erop dat het feit dat ook havisten toelaatbaar moeten zijn voor Ad-programma’s op gespannen voet staat met de wens om Ad-programma’s aantrekkelijk te maken voor werkenden en/of mbo’ers. Naarmate een Ad-programma meer maatwerk is voor werkenden en/of mbo’ers kan ook de eis dat Ad-afgestudeerden binnen 120 ECTS een hbo-bachelor moeten kunnen halen lastig zijn. Tot slot wijst de Hanzehogeschool op de problematiek van een fixus in de bachelor. Wat doe je als je wél veel Ad-studenten wilt, maar tegelijkertijd een fixus op de hbo-bachelor wilt, met andere woorden, als je dus wilt dat niet alle Ad-studenten doorstuderen?
Hogeschool Rotterdam
Hogeschool Rotterdam heeft in ronde 2B drie aanvragen ingediend. Twee aanvragen kregen een positief NVAO-advies en daarvan één een positief besluit van de staatssecretaris. De beperkte motivering van het advies van de NVAO geeft een onbevredigend gevoel. Dat er bij de beoordeling geen gelegenheid was voor de instelling om de aanvraag toe te lichten, is een gemiste kans. Ook is het jammer dat er geen bezwaar tegen het advies van de NVAO mogelijk is. De aanvragen van de Hogeschool Rotterdam waren juist gericht op doelgroepen die niet vaak voor het hoger onderwijs kiezen, maar naar het oordeel van de commissie was de aanvraag Vormgeving op het punt van de verwachte instroom niet stevig genoegd onderbouwd. De aanvraag SBRM was gericht op ondernemers en niet op mbo’ers die rechtstreeks doorstromen. Hierin zag het NVAO-panel een probleem. Als de Hogeschool Rotterdam de aanvragen had kunnen toelichten, waren de oordelen in de eigen optiek waarschijnlijk anders geweest.
Hogeschool INHOLLAND
Dat de aanvragen tijdens de beoordeling niet konden worden toegelicht, is erg jammer. Verder was onduidelijk bij wie bezwaar kon worden ingediend. Het protocol daarentegen heeft goed gefunctioneerd. Wel bestond er voorafgaande aan de eerste ronde een lastige driehoek voor de hogescholen, bestaande uit OCW, HBO-raad en NVAO, die ieder hun eigen regels leken te hanteren. De indruk bestaat - breder dan INHOLLAND - dat de panels per aanvraag verschillend hebben geoordeeld. Het belang van arbeidsmarktrelevantie is helder, maar de organisatie van de werkvelden verschilt. Hier zou meer rekening mee gehouden moeten worden. Soms heeft één organisatie het monopolie in een werkveld, bij andere programma’s is het potentiële werkveld zo breed dat het om die reden lastig is een representatieve vertegenwoordiging te vinden. Volgens Hogeschool INHOLLAND is het ook vreemd om de arbeidsmarkrelevantie voor verschillende vestigingen apart te moeten aantonen. De opzet van de Ad had een conservatief karakter doordat aangesloten moest worden bij de bachelor, ook qua naam. Er zou meer ruimte moeten zijn voor innovatieve programma’s. De naamgeving werd ook door andere hogescholen als knellend ervaren (Burgler, Hanze).
OCW geeft aan dat de naam vrij is, alleen voor de IB-groep (Croho) was in de eerste ronde de koppeling met de naam van de bachelor nodig. Transparantie van het aanbod is uiteraard wel gewenst. De HBO-raad heeft om die reden eerder gepleit voor het hanteren van dezelfde naam voor de Ad als voor de bachelor.
Business School Notenboom
Als aangewezen hogeschool is Notenboom slachtoffer van de gevolgde beoordelings-procedure. Een aangewezen hogeschool beschikt niet over een grote stafafdeling die exclusief bezig kan zijn met het voorbereiden van aanvragen. Het protocol stelde in dat licht te hoge eisen. In de praktijk kan Notenboom uitstekend een Ad aanbieden die arbeidsmarktrelevant is. Men heeft dit immers al jaren gedaan in de vorm van kort-hbo. Echter het aantonen van de arbeidsmarktrelevantie zoals het protocol dat vereist, was niet gemakkelijk. Ook het aantonen van samenwerking met een BVE-instelling is ingewikkeld voor de meeste aangewezen instellingen, omdat BVE-instellingen zich vrijwel alleen richten op bekostigde hogescholen. Om aan deze eis te voldoen, moet je dus eigenlijk zelf een mbo-opleiding aanbieden. Als tijdens de beoordeling toelichting gegeven had kunnen worden, waren er betere kansen voor het honoreren van de aanvraag geweest. Jammer is ook dat het panel geen deskundigen uit het aangewezen onderwijs bevatte. In de toekomst zou de Ad het best meegenomen kunnen worden bij de beoordeling van de bachelor.
Paepon
Voor veel aangewezen instellingen was de eis van de beoordeelde status van de hbo-bachelor een probleem. Het hoog formele gehalte van de beoordeling is zorgelijk. Paepon heeft zich sterk gemaakt voor de Ad, maar stelt vast dat een aanvraag vanuit het aangewezen onderwijs in de eerste ronde te maken kreeg met een trage behandeling van de bijbehorende bacheloraanvraag. Het was niet goed mogelijk om in één jaar feitelijk alle aanvraagrondes te organiseren. Daarmee had het aangewezen onderwijs onvoldoende tijd om meer bacheloropleidingen geaccrediteerd te krijgen. Nu is de deur op slot, terwijl er nog steeds grote interesse is om Ad’s aan te bieden. Dat is heel zuur, want het aangewezen onderwijs heeft traditioneel veel expertise op dit terrein. Dat er uitsluitend een papieren beoordeling plaatsvond, wordt betreurd. Paepon betreurt het ook dat in de samenstelling van het beoordelingspanel niet meer expliciet de betrokkenheid van het bedrijfsleven tot uitdrukking is gebracht, bijvoorbeeld door een lid op te nemen die een dergelijke achtergrond meeneemt. De eis dat het Ad-programma toegankelijk moeten zijn voor iedereen die voor de betreffende hbo-bachelor toelaatbaar is, vindt Paepon een gemiste kans. Hiermee bedoelt zij dat de afstemming van de Ad op de eisen van het MKB en de doorstroom van de mbo-4 onderbelicht resp. te weinig uitgewerkt kunnen worden; havo-5 plus Ad-programma is van een ander kaliber dan mbo-4 met specifieke werkervaring plus Ad. De pilot was nu juist een goede gelegenheid geweest om op dit verschil in te zoomen.
Metaalunie
In de sector Metaal is duidelijk behoefte aan Ad-afgestudeerden. Samen met verschillende hogescholen zijn er aanvragen voorbereid. De meeste aanvragen hebben een positief besluit gekregen en dat is verheugend. Onbegrijpelijk is dat de aanvraag die in samenwerking met Hogeschool Utrecht was voorbereid om onderwijsinhoudelijke redenen is afgekeurd. Een toelichtend gesprek met het panel tijdens de beoordeling had dit kunnen voorkomen: een gemiste kans. De Metaalunie wijst er verder op dat de metaalbranche een arbeidsmarktonderzoek heeft laten uitvoeren ter voorbereiding van de aanvragen. Dat zij dit konden doen, heeft ook te maken met de omvang van de branche. Voor kleinere branches is dat mogelijk lastiger. Het onderzoek wijst uit dat er veel behoefte is aan management-competenties op hbo-niveau.
Uneto-VNI
Uneto-VNI staat voor de installatiebranche met circa 11.000 bedrijven en 130.000 medewerkers. De arbeidsmarkt wordt jaarlijks gepeild en daaruit blijkt dat de behoefte aan nieuwe medewerkers op het niveau van Ad groot is. Dit komt voor een belangrijk deel door de vergrijzing. De Ad is dienstig om mensen tot het niveau van projectleider te kwalificeren en geeft maatwerkmogelijkheden. Zijn advies aan potentiële aanvragers is om objectief arbeidsmarktonderzoek te laten doen door een externe organisatie. De samenwerking met de Haagse Hogeschool is goed verlopen. Met een Ad is een maatwerkopleiding mogelijk. De besluitvorming over de aanvragen is als onduidelijk ervaren. Daardoor ontstond een loterijgevoel bij de instellingen.
MKB-Nederland
Veel branches hebben behoefte aan instroom op het niveau van Ad. MKB-Nederland betreurt dat de afspraak met de NVAO om toelichting te mogen geven tijdens de beoordeling niet gestand is gedaan. De procedure is als erg formeel ervaren. Het panel had over meer kennis van het georganiseerde bedrijfsleven moeten beschikken. MKB-Nederland zal ervoor pleiten om, als de eerste Ad-afgestudeerden succesvol blijken te zijn, eerder dan in 2010 een vervolg te geven aan de pilots en tot versnelde invoering van de Ad te komen. MKB-Nederland merkt op dat bij een aantal branches behoefte is aan mede-werkers met een opleidingsniveau dat hoger is dan dat van mbo, maar niet of nauwelijks aan afgestudeerden met een hbo-bachelor en ook niet aan een hbo-bacheloropleiding in de betreffende richting. Denk aan de schoonheidsspecialisten-branche. Met de keuze om de Ad altijd een onderdeel te laten zijn van de hbo-bachelor, doe je geen recht aan die behoefte.
Paepon geeft aan dit pleidooi voor Ad-programma’s buiten hbo-bacheloropleidingen te ondersteunen.
Domeindeskundige Informatica
De vertegenwoordiger stelt vast dat de hogescholen niet of nauwelijks in staat bleken de arbeidsmarktrelevantie aan te tonen. In het grotere bedrijf is er alleen behoefte aan bachelorafgestudeerden of hoger. In het MKB is er juist wel behoefte aan Ad-ers. De behoefte aan concrete vaardigheden die het MKB heeft, botst echter met de meer generieke vaardigheden die studenten in de bachelor aangeleerd krijgen. Het blijkt lastig te zijn om een Ad-programma zo in te richten dat recht wordt gedaan aan de behoefte aan het leren van concrete vaardigheden in combinatie met de eis dat binnen 120 ECTS na de Ad ook de hbo-bachelor behaald kan worden.
De NVAO merkt op dat de specialistische vaardigheden die nu eerder in de eindfase van de hbo-bacheloropleiding zitten meer naar voren gehaald zouden moeten worden, maar dan zou er meer functiegericht in plaats van beroepsgericht opgeleid worden.
Domeindeskundige SBRM
De beoordeling is nogal een formeel traject geweest. Meer maatwerk ten opzichte van de bachelor is nodig. Een mondelinge toelichting door de opleiding en het werkveld had niet mogen ontbreken en heeft een belangrijke toegevoegde waarde ten opzichte van een papieren dossier. Ook had het panel beter kunnen bestaan uit twee in plaats van één domeindeskundige. Er zijn duidelijkere criteria nodig waaraan de domeindeskundigen in het panel moeten voldoen, ook in het belang van de uniformiteit in de beoordeling. Ook is er behoefte aan criteria voor het aantonen van de arbeidsmarktrelevantie en voor de vraag wat een goede werkveldvertegenwoordiging is.
Ad-panel
Er is bijna nooit een aanvraag afgewezen op onderwijsinhoudelijke gronden. Bijna altijd bleken elementaire onderdelen van de arbeidsmarktrelevantie niet te zijn aangetoond. Op dat punt was er soms helemaal niets. De samenstelling van het panel tijdens de verschillende rondes toonde continuïteit. Het panel had weinig behoefte om over arbeidsmarktrelevantie te overleggen met de betrokken partijen, omdat er niets te overleggen viel als het dossier de noodzakelijke informatie niet bevatte. De opdracht van het panel was te beoordelen of met een relevant en representatief deel van het werkveld aantoonbaar was overlegd. Het panel onderkent overigens dat het bij sommige typen Ad-programma’s voor hogescholen lastig is om te bepalen wat de goede gesprekspartners in het werkveld zijn. Dit is meegewogen bij de beoordeling. Het panel zegt dat het prettig is als het panel van de brancheorganisaties een overzicht zou kunnen krijgen van goede gesprekspartners per sector.
Het panel wijst erop dat puur functiegerichte Ad-programma’s niet zijn gehonoreerd. Het Ad-programma moest wel hbo-niveau hebben en mag geen mbo-plus zijn.
De beoordeling is zorgvuldig uitgevoerd, het voorzitterschap heeft alle aanvragen beoordeeld, de domeindeskundige alleen het eigen domein. Zo zijn continuïteit en samenhang verzekerd. Een aantal hogescholen heeft de arbeidsmarktrelevantie perfect aangetoond. De eis dat de Ad toegankelijk moest zijn voor alle groepen, zorgde soms wel voor een spanningveld. Het panel herkende de worsteling wanneer de Ad eigenlijk voor een speciale doelgroep was en toch toegankelijk moest zijn voor alle doelgroepen. De mbo’er of havist komt dan in één groep met werknemers. Dat past meestal niet.
Discussie
Na de pauze wordt gediscussieerd over verschillende onderwerpen. Hieronder staan de opmerkingen die bij deze punten zijn gemaakt.
Aangewezen onderwijs
Twee aangewezen hogescholen hebben een goedgekeurde aanvraag. Dat het lastig binnenkomen is bij Bve-instellingen’ is voorstelbaar, maar dat het lastiger zou zijn om de arbeidsmarktrelevantie aan te tonen, is vreemd. Aangewezen instellingen zitten juist dichter op de markt, waardoor het makkelijker zou moeten zijn. Dit wordt beaamd, maar het formeel aantoonbaar maken daarvan is lastiger. De lat ligt bij de Ad hoger op dit punt, in vergelijking met de bachelor.
Accreditatie of aparte toets Associate degree?
- In het wetsvoorstel dat bij de Tweede Kamer ligt, is gekozen voor een afzonderlijke toets nieuw Ad-programma en dit is ook te verdedigen. De Ad is weliswaar onderdeel van de hbo-bachelor maar wel met een eigen uitstroommoment en eigen arbeidsmarktrelevantie. Een aparte toets is dus legitiem.
- Als over twee jaar bijna alle bachelors zijn beoordeeld, kan de beoordeling van de Ad een lichter karakter hebben dan nu is gebeurd. Voor een beperkt aantal facetten zou je voor een nieuwe Ad kunnen volstaan met een plantoets.
Formele karakter van de beoordeling
Er worden veel aanvragen verwacht waardoor een goede afbakening van het proces nodig was. Het betreft bovendien een nieuwe vorm van hoger onderwijs en ook dat rechtvaardigt een strenge procedure. De NVAO betreurt de uitspraak over de aanwezigheid van “potentials” onder de aanvragen van ronde 1 te betreuren. Ronde 2A - die daarvan indirect het gevolg was - had niet hoeven plaatsvinden. Echter, 11 positieve adviezen van de 77 aanvragen in ronde 1 was ook wel een erg slechte score, waardoor zowel het panel als de NVAO geneigd waren een positief perspectief te schetsen.
Maatwerk
Meer maatwerk is nodig ten aanzien van de variant waarin het programma aangeboden wordt. Als voltijd is aangevraagd, zou op een later moment ook deeltijd mogelijk moeten zijn. OCW geeft aan dat dit kan wanneer de hbo-bachelor ook in die variant wordt aangeboden. De NVAO stelt vast op grond van gemaakte opmerkingen dat door de komst van de Ad de samenwerking tussen werkvelden/branches en hogescholen is verbeterd. Dit wordt beaamd en wordt gezien als een positief effect van de pilots.
Naamgeving
De naam van de Ad is vrij. Alleen voor het Croho was een relatie met de naam van de bachelor noodzakelijk. Voor de werving is het toegestaan een van de bachelor afwijkende naam te voeren. OCW bespreekt dit aspect binnenkort met de IBG.
Toegankelijkheid
- Er is gekozen voor een brede toegankelijkheid van de Ad. Anders had de wet veranderd moeten worden en dat is in een pilotfase niet opportuun. Het is niet duidelijk of de brede toegankelijkheid in de praktijk echt een probleem vormt. Het is immers mogelijk voor hogescholen om door middel van voorlichting gericht doelgroepenbeleid te voeren. Bij de evaluatie van de pilots zal duidelijk worden wat de brede toegankelijkheid voor consequenties heeft.
- De HBO-raad maakte zich sterk voor de noodzaak van doorstroming in de bachelor. Er lijkt nu iets te veranderen in de opstelling van in ieder geval de afzonderlijke hogescholen. Het belang van een eigenstandige Ad wordt nu meer benadrukt.
- De Ad mag niet leiden tot een eigenstandige verzameling van programmaonderdelen. De samenhang met de bachelor is van groot belang. De Ba-Ma is tenslotte nog maar net ingevoerd.
- Voor accreditatie moet de samenhang van Ad en bachelor van belang blijven, maar daarbinnen moet er voor de Ad inhoudelijk ruimte zijn voor een eigenstandig karakter.
- Als de Ad een regulier onderdeel van de bachelor is, dan ook onderdeel van een reguliere accreditatiebeoordeling met wel een onderscheidende beoordeling van de arbeidsmarktrelevantie.
Toelaten bijkomende Ad-programma’s voor 2010
Het is nodig om de in ieder geval de tussenevaluatie van 2008 af te wachten voordat nadere stappen overwogen worden. Laten we die lijn met z’n allen ook uitdragen. Of er ruimte is voor een eerdere invoering dan 2010, hangt af van de evaluatieresultaten en de in kaart gebrachte effecten. Er komt mogelijk nog wel een ronde 2C voor de lerarenopleidingen. Dit hangt af van het advies over de ondersteunende beroepen van het Landelijk Platform Beroepen in het Onderwijs en de besluitvorming die daarop volgt.
Tot slot
MKB-Nederland kan geen lijst leveren van relevante partners per branche, maar wel informatie over organisaties/verenigingen die optreden als representant, omdat men over een breed netwerk beschikt.
Vlaanderen vraagt zich af waarom zo strikt vastgehouden wordt aan inpassing in de bachelor. OCW geeft aan dat hiervoor is gekozen, omdat Nederland wil vasthouden aan het systeem van 3 cycli (bachelor, master, doctorate); de doorstroom naar de hbo-bachelor - bijvoorbeeld na enige jaren werk - wil faciliteren en de Ad ook ziet als een weg die mogelijk geschikt is voor bachelorstudenten die dreigen uit te vallen. De Vlaamse vertegenwoordiger geeft aan dat met het hoger beroepsonderwijs in Vlaanderen geen nieuw niveau zal worden geïntroduceerd.
