Actueel
NieuwsNieuw accreditatiestelselAgendaNVAO CongressenToespraken & Artikelen20072006200520042003CorrespondentieVraag en antwoordNieuwsbriefRSS FeedsToespraken & Artikelen
Reactie Karl Dittrich, voorzitter NVAO op artikel 'Academische misère', NRC 19 augustus 2006
Volgens het rapport The future of European universities van het Centre for European Reform zijn de Europese universiteiten er beroerd aan toe ('Academische misère', NRC, 29 juli). Wanneer we niet ingrijpen en veranderen, blijven de meeste universiteiten in Europa middelmatig, worden we beslist niet the best and the brightest en verliezen we de concurrentie met universiteiten uit de VS en opkomende economieën zoals China en India.
Maar zó slecht gaat het niet met het Europese onderwijs, tenminste niet in dit deel van Europa. Na drie jaar accreditatie van Nederlandse en Vlaamse hogeronderwijsopleidingen kom ik tot de conclusie dat er géén reden is voor structurele somberheid. Ons hoger onderwijs heeft een gemiddeld goede kwaliteit die in overeenstemming is met het overheersende beeld dat in het buitenland over ons hoger onderwijs bestaat.
Het enige dat zich verder moet ontwikkelen, is de differentiatie van opleidingen. Veel Nederlandse en Vlaamse hogeronderwijsinstellingen huiveren klaarblijkelijk voor het idee om zich te onderscheiden van hun collega’s en concurrenten. De gemiddelde kwaliteit is aan de maat, maar er bestaat weinig neiging om de lat bewust hoger te leggen en zich te meten met opleidingen in het buitenland. Dat lijkt mij noodzakelijk om goed in te kunnen spelen op de behoeften en verwachtingen van studenten en de (internationale) arbeidsmarkt. Nederland en Vlaanderen moeten het immers hebben van de openheid van hun economie.
Als men over de soms wat al te gemakkelijke vergelijkingen tussen de VS en het Europa van 45 landen heen leest, bevat het rapport echter tal van behartenswaardige aanbevelingen over de noodzaak om de instellingen een grotere autonomie te geven, een betere bekostiging (vooral uit hogere collegegelden, met name in de masterfase) en mogelijkheden om zich van elkaar te onderscheiden. Het rapport maakt duidelijk dat het zeer de moeite waard is op korte termijn te investeren in discussies over de gewenste ontwikkelingen van het Europese hoger onderwijs in het licht van de Lissabondoelstellingen, maar ook over het nationale beleid. Het belang van goed onderwijs en onderzoek kan niet worden overschat. Wellicht een absolute prioriteit voor een nieuw regeerakkoord?
